DOCUMENTATIE

Open bode­min­dex ach­ter­grond­in­for­ma­tie

 

DOCUMENTATIE

Open bode­min­dex ach­ter­grond­in­for­ma­tie

Draag bij aan de Open bode­min­dex

 

De Open bodemindex

De Open bode­min­dex is een getal dat de kwa­li­teit van de bodem weer­geeft. Rabo­bank, a.s.r. en Vitens laten deze index in 2019 ont­wik­ke­len om het inzicht in de bodem te ver­gro­ten, met als doel een duur­zaam gezon­de bodem op lan­ge ter­mijn. Met deze Open bode­min­dex (OBI) is het moge­lijk op een een­vou­di­ge en betaal­ba­re manier de kwa­li­teit te meten, te kij­ken hoe deze ver­be­terd kan wor­den en deze door de tijd te vol­gen. De index is gecor­ri­geerd voor bodem­soort en gebruiks­doel en op basis van metin­gen en beheers­maat­re­ge­len komen de bio­lo­gi­sche, fysi­sche en che­mi­sche indi­ca­to­ren in beeld en kan advies gege­ven wor­den.

De OBI wordt ont­wik­keld door een con­sor­ti­um van ken­nis­in­stel­lin­gen en bedrij­ven, in nau­we samen­wer­king met boe­ren, bodem­ex­perts en weten­schap­pers. De OBI onder­scheidt zich door het open karak­ter: ieder­een krijgt inzicht in de reken­re­gels en kan bij­dra­gen. Onder­staand beschrijft de ach­ter­gron­den en reken­re­gels ach­ter de open bode­min­dex en de moge­lijk­he­den om er aan bij te dra­gen.

lees hele docu­ment als pdf

Achtergrond

De bodem is de basis van een agra­risch bedrijf en de motor van een gezon­de en pro­duc­tie land­bouw. Daar­om is een goe­de en leven­de bodem erg belang­rijk. Zeker ook om het boe­ren­be­drijf voor toe­kom­sti­ge gene­ra­ties in stand te hou­den. Dit bete­kent dus ook dat boe­ren goed wil­len zor­gen voor hun bodem. Om dat te doen is het belang­rijk om de bodem te ken­nen. In de prak­tijk nemen boe­ren dan ook regel­ma­tig een bodem­mon­ster dat infor­ma­tie geeft over de vita­li­teit van de bodem: zijn er vol­doen­de nutri­ën­ten beschik-baar, kan het gewas er mak­ke­lijk wor­te­len en is er vol­doen­de bodem­le­ven?

Een een­vou­dig meet­in­stru­ment dat de kwa­li­teit van de bodem in een oog­op­slag weer­geeft, is er tot op de dag van van­daag niet (Bune­mann et al., 2016). Daar­naast weten we alle­maal dat de bodem erg com­plex is. De bodem bepaalt hoe­veel voe­dings­stof­fen er beschik­baar zijn voor gewas­sen en of een plant ook gezond kan groei­en. Aller­lei bodem­dier­tjes en che­mi­sche pro­ces­sen in de bodem zor­gen ervoor dat dat moge­lijk is. Hoe krijg je als boer nu op een een­dui­di­ge en een­vou­di­ge manier inzicht in de bodem­kwa­li­teit? Hoe zorg je ervoor dat de bodem ook voor toe­ko­men­de gene­ra­ties gezond blijft?

Meet­in­stru­men­ten kun­nen daar­bij hel­pen. Er bestaan anno 2019 al veel meet­in­stru­men­ten voor de bodem (Bune­mann et al., 2016; Molen­dijk et al., 2018) maar er is tot op heden geen prak­ti­sche en over­zich­te­lij­ke manier om de bodem­kwa­li­teit te ver­ge­lij­ken tus­sen per­ce­len of te vol­gen in de tijd. Ook is vaak ondui­de­lijk op wel­ke manier de bodem­kwa­li­teit nog ver­der te ver­be­te­ren is. Is de hui­di­ge bodem­kwa­li­teit al op orde of zijn er nog onder­de­len die ver­be­terd moe­ten wor­den?

De Open Bode­min­dex (OBI) wil daar­bij hel­pen. Deze index geeft een­vou­dig en betaal­baar inzicht in de bodem­kwa­li­teit van agra­ri­sche bodems in Neder­land. Als de kwa­li­teit ergens tekort schiet wor­den aan­be­ve­lin­gen gege­ven voor maat­re­ge­len die de bodem weer in top-toe­stand kun­nen bren­gen. De OBI wordt in 2019 ont­wik­keld in samen­wer­king met alle bodem­ex­perts in Neder­land. Omdat een bode­min­dex alleen nut heeft als deze zin­vol­le infor­ma­tie geeft voor boe­ren en zij het gaan gebrui­ken om de bodem van hun bedrijf te ver­be­te­ren dan wel goed te hou­den, wer­ken ook boe­ren mee aan de ont­wik­ke­ling ervan.

De Open Bode­min­dex is geï­ni­ti­eerd door de Bodem­co­a­li­tie. De Bodem­co­a­li­tie bestaat uit ASR, Vitens en Rabo­bank. Een team met bodem­ex­perts van WUR en NMI trek­ken samen met Farm­hack de ont­wik­ke­ling van deze index. Het is daar­bij de bedoe­ling om alle rele­van­te aspec­ten van de bodem mee te nemen. Dus niet alleen de nutri­ën­ten, maar ook het bodem­le­ven en de bodem­struc­tuur. Ook wordt reke­ning gehou­den met de loca­tie van het per­ceel met bij­be­ho­ren­de land­schap­pe­lij­ke ken­mer­ken. Dit omdat de kwa­li­teit van de bodem niet alleen afhangt van de eigen­schap­pen van de eer­ste tien tot der­tig cen­ti­me­ter (deze diep­te wordt in de prak­tijk bemon­sterd door agra­ri­sche labo­ra­to­ria) maar ook van de onder­grond en de beschik­baar­heid van water.

De Open Bode­min­dex blijft in ont­wik­ke­ling. Het is name­lijk een open sour­ce tra­ject waar­bij experts con­ti­nue kun­nen bij­dra­gen aan ver­de­re aan­pas­sing. Een eer­ste ver­sie komt eind 2019 onli­ne beschik­baar, even­als alle onder­lig­gen­de reken­re­gels. In de jaren na 2019 wordt deze ver­der aan­ge­past en ver­be­terd. Ieder­een die zin­vol­le ver­be­te­rin­gen heeft, kan deze door­stu­ren naar de ont­wik­ke­laars van de OBI, waar­na deze wor­den toe­ge­voegd. De OBI maakt gebruik van de vol­gen­de gege­vens:

  • meet­ba­re bodem­ken­mer­ken (bv labo­ra­to­ri­um uit­sla­gen van grond­mon­sters)
  • loca­tie­ken­mer­ken (bv de grond­wa­ter­trap, bodem­ty­pe, aan­we­zig­heid van drai­na­ge, etc.) én
  • uit­ge­voer­de beheers­maat­re­ge­len (het mana­ge­ment van de bodem zoals bouw­plan, gewas­keu­ze en bewer­kin­gen als ploe­gen, spit­ten, bekal­ken, etc.)

De reken­re­gels om tot een waar­de­ring van de bodem­kwa­li­teit te komen, zijn afkom­stig uit fun­da­men­teel onder­zoek naar de bodem­kwa­li­teit als ook het prak­tijk­on­der­zoek. Dat bete­kent dat de Open Bodem Index voort­bouwt op de ken­nis zoals deze ont­wik­keld wordt aan uni­ver­si­tei­ten als ook de ken­nis die advi­seurs gebrui­ken voor het maken van bemes­tings­plan­nen. De gebruik­te reken­re­gels zijn open­baar.

De Open Bodem Index wordt in 2020 eigen­dom van een nog op te rich­ten onaf­han­ke­lij­ke enti­teit (moge­lijk een stich­ting). Hier­door komen de gege­vens niet in han­den van markt­par­tij­en die de infor­ma­tie kun­nen gebrui­ken voor doe­len die in strijd zijn met de hand­ha­ving van de bodem­kwa­li­teit voor de land­bouw.

Definities en randvoorwaarden

Bin­nen het werk­veld van bodem­waar­de­ring wor­den aller­lei begrip­pen en defi­ni­ties door elkaar heen gebruikt. Een hel­de­re defi­ni­tie van begrip­pen is daar­om belang­rijk. Bin­nen de ont­wik­ke­ling van de OBI maken we gebruik van de vol­gen­de defi­ni­ties:
  • Bodem­kwa­li­teit : de capa­ci­teit van een bodem om onder wis­se­len­de omstan­dig­he­den de gewens­te bodem­func­ties in vol­doen­de mate beschik­baar te heb­ben voor een com­bi­na­tie van doe­len (en dien­sten) zoals voed­sel­pro­duc­tie, effi­ci­ën­te kring­loop van voe­dings­stof­fen en behoud van bio­di­ver­si­teit.
  • Bodem­dien­sten : de ver­schil­len­de eco­sys­teem­dien­sten die de bodem kan leve­ren. Dit zijn onder ande­re de pri­mai­re (land­bouw­kun­di­ge) pro­duc­tie van gewas­sen, kool­stof­vast­leg­ging, water-zui­ve­ring en reten­tie van nutri­ën­ten in de bodem, bio­di­ver­si­teit en het in stand hou­den van de kring­lo­pen van nutri­ën­ten.
  • Bodem­func­ties : de rol van de bodem in het ver­vul­len van bepaal­de doel­stel­lin­gen en bodem-dien­sten. Onder­scheid wordt gemaakt in ver­schil­len­de type bodem­func­ties: productie‑, draag‑, regu­la­tie- en infor­ma­tie­func­tie. Zo zijn nutri­ën­ten­le­ve­ring, bodem­struc­tuur en bodem­ge­zond­heid belang­rij­ke bodem­func­ties voor het rea­li­se­ren van de eco­sys­teem­dienst ‘pri­mai­re pro­duc­tie’.
  • Bode­min­di­ca­to­ren : een instru­ment of index waar­mee de bij­dra­ge dan wel rele­van­tie van een bodem­func­tie wordt beoor­deeld. Dit gebeurt in de prak­tijk via waar­de­rings­klas­sen (laag tot hoog) ofwel cij­fers (1–10). Dit bete­kent ook dat (bin­nen de con­text van de OBI) een bodem­me­ting op zich­zelf geen indi­ca­tor is. Een bodem­ana­ly­se kan wel input zijn voor het bere­ke­nen van een bodem­func­tie, en deze bodem­func­tie kan ver­vol­gens gebruikt wor­den als een indi­ca­tor.
  • Bode­mei­gen­schap : een ken­merk van een bodem dat indi­ca­tief kan zijn voor één of meer­de­re bodem­func­ties. Deze eigen­schap­pen kun­nen zijn gea­na­ly­seerd in het labo­ra­to­ri­um als ook samen­han­gen met ken­mer­ken die voort­ko­men uit de lig­ging van het per­ceel in het land­schap. Denk bij­voor­beeld aan de grond­wa­ter­trap, de vari­a­tie in maai­veld­hoog­te, de hel­ling, en de aan­we­zig­heid van drai­na­ge.
  • Bodem­be­heer : maat­re­ge­len die de land­ge­brui­ker kan nemen om de bodem­kwa­li­teit te ver­be­te­ren dan wel aan te pas­sen voor een spe­ci­fiek doel. Hier­mee wordt direc­te invloed uit­ge­oe­fend op (meet­ba­re) bode­mei­gen­schap­pen. Een duur­zaam bodem­be­heer kan wor­den gede­fi­ni­eerd als het gebruik van de bodem voor de pro­duc­tie van goe­de­ren om aan ver­an­de­ren­de men­se­lij­ke behoef­ten te vol­doen, ter­wijl tege­lij­ker­tijd het lan­ge ter­mijn pro­duc­tie­ve poten­ti­eel van deze hulp­bron en het onder­houd van haar mili­eu­func­ties wordt gewaar­borgd.

De Open Bode­min­dex wordt ont­wik­keld op een open manier (zie sec­tie 4) zodat ieder­een kan zien hoe ken­nis van de prak­tijk, mecha­nis­ti­sche pro­ces­sen en empi­risch veld­on­der­zoek gecom­bi­neerd kan wor­den in een instru­ment dat een­vou­dig en op basis van weten­schap­pe­lij­ke fei­ten inzicht geeft in aller­lei aspec­ten van bodem­kwa­li­teit. Omdat de OBI modu­lair is opge­bouwd kun­nen nieu­we onder­zoeks­re­sul­ta­ten uit lan­de­lij­ke of inter­na­ti­o­na­le onderzoeksprogramma’s dan wel prak­tijk­er­va­rin­gen bij toe­pas­sing van de OBI een­vou­dig wor­den inge­bed om de OBI ver­der te ver­be­te­ren. De beno­dig­de werk­wij­ze rond­om bor­ging en inhou­de­lij­ke aan­stu­ring voor dit open pro­ces is nog in ont­wik­ke­ling. Tege­lij­ker­tijd besef­fen we ons heel goed dat we met dit ini­ti­a­tief een eer­ste wer­ken­de pro­to­ty­pe (als ook een nieu­we werk­wij­ze) naar de markt bren­gen die in de jaren erna ver­der zal moe­ten ont­wik­ke­len met inbreng van gebrui­kers, maat­schap­pe­lij­ke sta­ke­hol­ders en bodem­ex­perts.

De Open Bode­min­dex defi­ni­eert wel­ke bodem­pa­ra­me­ters dan wel ana­ly­ses nodig zijn om de ver­schil­len­de bodem­func­ties in beeld te bren­gen. De index staat open voor het gebruik van metin­gen van elk lab en beperkt zich niet tot een (ver­plich­te) samen­wer­king met één enkel labo­ra­to­ri­um. Wel wordt actief gewerkt aan auto­ma­ti­sche data­k­op­pe­lin­gen met bestaan­de agra­ri­sche labo­ra­to­ria om zo gege­vens­over­dracht maxi­maal te auto­ma­ti­se­ren.

De Open Bode­min­dex heeft voor­als­nog een ster­ke focus op per­ceels­ni­veau. Dat bete­kent dat ruim­te­lij­ke vari­a­tie in bode­mei­gen­schap­pen bin­nen het per­ceel nog niet mee­ge­no­men wor­den.

De Open Bode­min­dex anno 2019 heeft wel een extra rand­voor­waar­de die stu­ring geeft aan de gebruik­te sys­te­ma­tiek. Het uit­gangs­punt is name­lijk dat er maxi­maal aan­slui­ting wordt gezocht bij bestaan­de data­stro­men en meet­me­tho­die­ken. Deze keu­ze is gemaakt omdat met slim com­bi­ne­ren van bestaan­de bodem­ana­ly­ses en per­ceel­ei­gen­schap­pen een groot aan­tal bodem­func­ties al kwan­ti­ta­tief in beeld te bren­gen is. Ook wil­len we zorg­dra­gen voor een appli­ca­tie (en werk­wij­ze) die wei­nig aan­vul­len­de kos­ten met zich mee­brengt. We besef­fen dat we hier­door moge­lij­ke bodem­func­ties (zoals bij­voor­beeld de C‑opslag in agra­ri­sche bodems) min­der nauw­keu­rig kun­nen kwan­ti­fi­ce­ren, en zoe­ken in dit soort situ­a­ties naar alter­na­tie­ve bere­ke­nings­me­tho­den.

De Open Bode­min­dex heeft niet de ambi­tie om inge­zet te wor­den als bemes­tings­plan­ner, bere­ge­nings-wij­zer of als advies­mo­du­le voor een opti­maal bouw­plan. Het is gericht op het kwan­ti­fi­ce­ren, waar­de­ren en valo­ri­se­ren van bodem­kwa­li­teit en kan als zoda­nig wel waar­de­vol­le infor­ma­tie geven voor een duur­za­me­re bemes­ting en bodem­be­heer. In 2020 wordt het instru­ment over­ge­dra­gen aan een (nog op te star­ten) onaf­han­ke­lij­ke enti­teit om zo de kwa­li­teit als ook de toe­pas­sing goed te kun­nen waar­bor­gen. De pre­cie­ze invul­ling hier­van is op dit moment nog onbe­kend.

Bodemwaardering

Op basis van deze metin­gen een gewo­gen eva­lu­a­tie uit­voe­ren van de bodem­kwa­li­teit is een uit­da­ging waar ver­schil­len­de weten­schap­pe­lij­ke instel­lin­gen jaren aan heb­ben gewerkt. Tot op heden is deze ken­nis wei­nig tot niet beschik­baar geko­men voor toe­pas­sing op een boe­ren­be­drijf. In een recen­te review van alle weten­schap­pe­lijk beschre­ven instru­men­ten stel­len Bune­man et al. (2018) dat  “expli­cit eva­lu­a­ti­on of soil qua­li­ty with res­pect to soil thre­ats, soil func­ti­ons and eco­sy­s­tem ser­vi­ces has rare­ly been imple­men­ted, and few appro­a­ches pro­vi­de clear inter­pre­ta­ti­on sche­mes of mea­su­red indi­ca­tor valu­es.” De belang­rijk­ste reden hier­voor is dat de bodem een com­plex samen­spel vormt van che­mi­sche, bio­lo­gi­sche en fysi­sche pro­ces­sen en dat het doel waar­voor je de bodem wilt gebrui­ken enorm veel invloed heeft op de eva­lu­a­tie van deze pro­ces­sen. Wel bestaat er bre­de con­sen­sus dat het voor een goe­de inter­pre­ta­tie van de bodem­kwa­li­teit nodig is om iets te zeg­gen over zowel bodem­che­mie en bodem­struc­tuur als bodem-bio­lo­gie. Orga­ni­sche stof ver­vult daar­bij een sleu­tel­rol omdat het effect heeft op al deze drie aspec­ten. Dit komt ook tot uiting in de mini­ma­le data­set zoals deze is samen­ge­steld door onder­zoe­kers van Wage­nin­gen Uni­ver­si­teit en Research Cen­tre (Hane­graaf et al., 2019). De inter­pre­ta­tie van bodem­ana­ly­ses is ove­ri­gens een ande­re uit­da­ging; een kwa­li­teits­be­oor­de­ling is per defi­ni­tie gekop­peld aan één of meer­de­re doe­len waar­voor de des­be­tref­fen­de bodem kan wor­den benut.

De ont­wik­kel­de Open Bode­mIn­dex is geba­seerd op het Soil Mana­ge­ment Assess­ment Fra­me­work (Andrews & Car­roll, 2001; Andrews et al. 2002, 2004; Kar­len et al. 2001, 2003; Wien­hold et al 2004, 2009). Daar­bij wor­den ver­schil­len­de stap­pen onder­schei­den, zoals deze hier­on­der sche­ma­tisch wor­den weer­ge­ge­ven (Figuur 1).

Om de bodem­kwa­li­teit goed te behe­ren is het nodig om het begrip ‘duur­zaam bodem­be­heer’ te con­cre­ti­se­ren. Een bodem kan name­lijk voor aller­lei doe­len wor­den inge­zet. Bin­nen de hui­di­ge Open Bode­min­dex is het uit­gangs­punt dat de bodem zo wordt beheerd dat er spra­ke is van een duur­za­me land­bouw­pro­duc­tie. Con­creet bete­kent dit dat de bodem wordt geë­va­lu­eerd met betrek­king tot de wens om het bouw­plan van de afge­lo­pen tien jaar te con­ti­nu­e­ren. De bodem wordt daar­bij duur­zaam beheerd, in die zin dat de bodem­kwa­li­teit de gewas­pro­duc­tie maxi­maal faci­li­teert en ook vol­doen­de is (en blijft) om de gewas­pro­duc­tie in de toe­komst te blij­ven faci­li­te­ren. Duur­zaam bete­kent ook dat het land­bouw­kun­dig gebruik van de bodem samen­gaat met mini­ma­le ver­lie­zen naar het grond- en opper­vlak­te­wa­ter. In de toe­komst (na 2019) kan de OBI ook gebruikt wor­den om inzicht te geven in de bij­dra­ge van de bodem aan de maat­schap­pe­lij­ke opga­ves voor bio­di­ver­si­teit en kli­maat, maar kwan­ti­fi­ce­ring van deze opga­ves heb­ben in het jaar 2019 geen pri­o­ri­teit.

 

Figuur 1. Bodem­waar­de­rings­sys­te­ma­tiek zoals toe­ge­past bin­nen de Open Bode­min­dex.

Bin­nen de rand­voor­waar­de van con­text (con­ti­nu­e­ring bouw­plan) en doel (duur­za­me land­bouw­pro­duc­tie) wordt op basis van rou­ti­ne­ma­tig beschik­ba­re bodem­ana­ly­ses, per­ceel­ei­gen­schap­pen en remo­te sen­sing gege­vens de kwa­li­teit van de bodem in kaart gebracht (Figuur 1). De bode­mei­gen­schap­pen wordt op basis van land­bouw­kun­dig onder­zoek én in samen­hang met elkaar gebruikt om een hele set aan bodem­func­ties te kwan­ti­fi­ce­ren (Figuur 2). Deze func­ties kun­nen wor­den geclus­terd rond­om de drie rele­van­te aspec­ten van de bodem, name­lijk i) che­mie en nutri­ën­ten­le­ve­ring, ii) struc­tuur en bewor­te­ling en iii) bio­lo­gie en ziek­te­we­rend­heid. Sepa­raat aan deze drie aspec­ten – die elk sterk leu­nen op daad­wer­ke­lij­ke metin­gen – wordt ook het bodem­be­heer geë­va­lu­eerd.

Figuur 2. Uit­ge­werk­te bodem­func­ties zoals deze zijn inge­bed bin­nen de OBI, okto­ber 2019.

 

Om het bodem­be­heer te eva­lu­e­ren wordt aan­ge­slo­ten bij het ont­wik­kel­de label Duur­zaam Bodem­be­heer. Dit Label Duur­zaam Bodem­be­heer is in 2016 op ver­zoek van ASR ont­wor­pen door CLM Onder­zoek & Advies, in samen­wer­king met ande­re bodem­des­kun­di­gen van Neder­land­se onder­zoeks­in­stel­lin­gen, labo­ra­to­ria en advies­bu­reaus. Duur­zaam bodem­be­heer is name­lijk een belang­rij­ke voor­waar­de om de waar­de van de grond te behou­den. De bodem­kwa­li­teit geeft de con­di­tie van de bodem weer om te func­ti­o­ne­ren als een veer­krach­tig eco­sys­teem dat plan­ten, men­sen en die­ren kan onder­steu­nen. Met een team van bodem­ex­perts uit het onder­zoek en de prak­tijk is een selec­tie gemaakt van meet­ba­re en con­tro­leer­ba­re bodem­be­heer­maat­re­ge­len die bij­dra­gen aan de eco­sys­teem­func­ties van de bodem. Hier­bij is onder­scheid gemaakt in de sec­to­ren akker­bouw en melk­vee­hou­de­rij als ook en de ver­schil­len­de grond­soor­ten. Door de bodem­ex­perts zijn deze maat­re­ge­len gese­lec­teerd en gewaar­deerd in rela­tie tot de invloed ervan op de bodem­kwa­li­teit.

Bin­nen het beheer wordt expli­ciet aan­dacht gege­ven aan orga­ni­sche stof, als belang­rij­ke motor van de bodem­vrucht­baar­heid. Omdat ver­an­de­rin­gen in het orga­ni­sche stof­ge­hal­te moei­lijk meet­baar zijn, wordt op basis van het bouw­plan – en de aan­na­me dat de gebruiks­ruim­te wordt opge­vuld met dier­lij­ke mest – een inschat­ting gemaakt van de net­to aan- dan wel afvoer van Effec­tie­ve Orga­ni­sche Stof. Deze balans is indi­ca­tief voor de ver­wach­te ont­wik­ke­lin­gen in het OS-gehal­te van de bodem.

Zodra de ver­schil­len­de bodem­func­ties kwan­ti­ta­tief zijn gemaakt, helpt dit de agra­ri­sche onder­ne­mer om zicht te krij­gen op de ver­schil­len tus­sen zijn per­ce­len. Het bevor­dert de bodem­kwa­li­teit omdat gericht gestuurd kan wor­den op de instand­hou­ding dan wel ver­be­te­ring van de bodem­kwa­li­teit. Om deze laat­ste stap te onder­steu­nen wor­den de bere­ken­de bodem­func­ties (elk met hun eigen een­heid) geë­va­lu­eerd en ver­taald in een uni­for­me en hel­de­re sys­te­ma­tiek waar­bij de rele­van­tie van deze bodem­func­tie wordt omge­zet in een sco­re tus­sen nul en hon­derd (Figuur 1). Voor het vast­stel­len van deze ver­taal­slag wordt gebruik gemaakt van bestaan­de data­sets en veld­proe­ven waar­mee de rele­van­tie van een bodem­func­tie voor de gewas­pro­duc­tie (of kwa­li­teit) kwan­ti­ta­tief kan wor­den onder­bouwd. Deze omzet­ting naar een uni­for­me waar­de­rings­sco­re – de indi­ca­tor – maakt het voor agra­risch onder­ne­mers moge­lijk om ande­ren te laten zien wat voor een posi­tie­ve bij­dra­ge zij leve­ren aan een duur­za­me wereld en daar­mee inspan­nin­gen om te zet­ten in extra inko­men.

Zodra van elke bodem­func­tie ook een bode­min­dex beschik­baar is, kan dit ver­taald wor­den in een inte­gra­le beoor­de­ling van de bodem als geheel (Figuur 1). Bij deze inte­gra­tie wordt expli­ciet reke­ning gehou­den met de hui­di­ge en gewens­te (dan wel haal­ba­re) bodem­kwa­li­teit. Dit bete­kent ook dat de gewens­te situ­a­tie reke­ning houdt met bodem­soort en gebruiks­doel van de bodem. Hoe en op wel­ke manier gewas-dif­fe­ren­ti­a­tie bin­nen het bouw­plan als ook mili­eu­kun­di­ge ver­sus land­bouw­kun­di­ge doe­len invloed (mogen en kun­nen) uit­oe­fe­nen op de inte­gra­tie is op dit moment nog niet dui­de­lijk.

Als laat­ste wor­den per bodem­func­tie aan­be­ve­lin­gen gege­ven voor beheers­maat­re­ge­len die uit­ge­voerd kun­nen wor­den om de bodem­kwa­li­teit te ver­be­te­ren (Figuur 1). Hier­voor wor­den op basis van de weten­schap­pe­lij­ke lite­ra­tuur maat­re­ge­len geïn­ven­ta­ri­seerd in rela­tie tot hun impact op bodem­func­ties dan wel bodem-indi­ca­to­ren. Als blijkt dat de bodem­kwa­li­teit op ver­schil­len­de aspec­ten ver­be­tert kan wor­den, wordt de meest rele­van­te maat­re­gel gead­vi­seerd.

Bijdragen aan de ontwikkeling

 

Het con­sor­ti­um van WUR, NMI en Farm­hack heeft de ambi­tie om alle reken­re­gels open­baar beschik­baar te maken (open sour­ce). Het reken­hart is beschik­baar via https://github.com/springgbv/Open-Bodem-Index-Calculator.  De onder­lig­gen­de argu­men­ta­tie, gebruik­te gege­vens en inhou­de­lij­ke onder­bou­wing wordt per bodem-func­tie toe­ge­licht in onder­staan­de facts­heets. Deze zijn van com­men­taar te voor­zien of onli­ne te bedis­cus­si­ë­ren op het dis­cus­sie­plat­form.

Afhan­ke­lijk van ieders exper­ti­se zijn er ver­schil­len­de moge­lijk­he­den om bij te dra­gen aan de ont­wik­ke­ling van de Open Bode­min­dex:

Review factsheets met bodemfuncties
Elke bodem­func­tie is beschre­ven in een facts­heet waar­in uit­ge­breid wordt inge­gaan op de onder­lig­gen­de meet­ge­ge­vens en de gebruik­te reken­re­gels om een bodem-ana­ly­se of per­ceel­ken­merk te inter­pre­te­ren in rela­tie tot het gewens­te doel. Deze facts­heets zijn onli­ne in te zien als ook van feed­back te voor­zien. Ook is er de moge­lijk­heid om aan­be­ve­lin­gen te geven voor ver­de­re ver­be­te­ring. Het is moge­lijk om deze feed­back direct als com­men­taar in de facts­heets toe te voe­gen (goog­le­docs) of via een mail naar de auteur van dit docu­ment (Gerard H Ros, NMI).
Toevoegen bodemfuncties
De eer­ste ver­sie van de Open Bode­min­dex is sterk gefo­cust op het kwan­ti­fi­ce­ren van bodem­func­ties voor een duur­za­me land­bouw­kun­di­ge pro­duc­tie. Het meten, beoor­de­len en bie­den van han­de­lings­per­spec­tief via maat­re­ge­len voor ande­re bodem­dien­sten zoals bio­di­ver­si­teit, kli­maat­mi­ti­ga­tie of water­kwa­li­teits­ver­be­te­ring zijn voor­als­nog niet beschik-baar. Als u meet­ge­ge­vens of reken­re­gels heeft die hier­voor inzet­baar zijn, dan kunt u
Toepassen in de praktijk
Een appli­ca­tie om bodem­kwa­li­teit en bodem­be­heer con­creet te maken heeft alleen per­spec­tief als agra­ri­sche onder­ne­mers actief een bij­dra­ge leve­ren aan de ont­wik­ke­ling van de index. In de eer­ste jaren bij gebruik zul­len naar alle waar­schijn­lijk­heid ver­schil­len­de items opdui­ken om de ont­wik­kel­de reken­re­gels nog meer aan te laten slui­ten bij de actu­e­le prak­tijk op indi­vi­du­e­le per­ce­len. Door de OBI te gebrui­ken in stu­die­groe­pen als indi­vi­du­e­le bedrijfs­be­ge­lei­ding wor­den waar­de­vol­le erva­rin­gen opge­daan die nut­tig zijn om gedeeld te wor­den. Om zo uit­ein­de­lijk een bodem­waar­de­rings­in­stru­ment te ont­wik­ke­len waar­mee goed bodem­be­heer daad­wer­ke­lijk aan­ge­toond (en beloond) kan wor­den.

Elke nut­ti­ge aan­vul­ling en ver­be­te­ring van de app of de facts­heets wordt opge­sla­gen, waar­bij ieders bij­dra­ge wordt ver­meld als onder­deel van het ver­sie­be­heer.  Onder­zoe­kers en experts die bij­dra­gen (als ook hun orga­ni­sa­ties) wor­den per facts­heet ver­meld als mede­au­teur, en de bedoe­ling is om mee­wer­ken­de auteurs ook te ver­mel­den bij de ach­ter­grond-docu­men­ta­tie van het reken­hart als ook de onder­steu­nen­de web­si­te. Eens per vier maan­den wordt de inge­brach­te ken­nis, ken­nis­re­gels en feed­back ver­werkt in een upda­te van het reken­hart en de onder­steu­nen­de docu­men­ta­tie. Deze upda­te wordt aan alle mee­wer­ken­de onder­zoe­kers toe­ge­zon­den.